Het springen van de een op andere gedachte Als hertjes in een veld Dat alleen dan niet vrolijk Forceren zich met geweld Stuur ik de een weg, de ander valt binnen Vrolijk met een twist Ik kan er niets tegen beginnen Het zoenen van de een Waarna die me uitlacht Het achtervolgd worden Ongezien in zijn macht Het houdt mijn adem vast Laat me adrenaline haten Het is hem die me laat geloven Dat mijn vrienden me hebben verlaten Mijn eigen onzichtbare vijand Fluistert dubbelzijdige dingen in Iets waar ik naar verlang Tot hij er een angst in vindt Hij breekt mij, laat me nooit gaan Vooral na iets leuks, komt hij er onverwacht weer aan. Laat me geloven dat vrolijkheid geen zin heeft Dat ik nergens plezier in vindt. Ik noem het mijn paranoia Waardoor ik niemand vertrouw Werkelijkheid vervormt in mijn hoofd Waardoor ik constant om mijn vrienden rouw.